18-09-2017 | Door: Lonneke Bär

Özcan Akyol: ‘Ik ben een zendeling’

Özcan Akyol: ‘Ik ben een zendeling’

De Literatour is weer van start: een eigen boekenweek voor jongeren. De Schrijverscentrale organiseert de Literatour-auteurstournee: van 18-22 september trekken 25 auteurs langs meer dan 100 middelbare scholen (bovenbouw) om over lezen,  literatuur en schrijverschap te praten. Schrijver Özcan Akyol over de noodzaak van lezen en zijn tips om van het schoolbezoek een succes te maken. ‘Ik hield helemaal niet van lezen op die leeftijd.’

Dat is dan ook precies de reden voor Özcan Akyol om scholen te bezoeken. ‘Om dat vooroordeel te ontkrachten dat je als puber hebt, dat ál het andere veel belangrijker is dan lezen. Pas toen ik ontdekte dat boeken je kunnen veranderen, je dingen kunnen leren en laten ontdekken, ging ik lezen. Dat gun ik anderen ook.’

Ambassadeurs

Voor hem is dat de belangrijkste drijfveer om mee te doen met Literatour. Özcan: ‘Literatuur heeft ambassadeurs nodig. Kinderen lezen steeds minder. Het fysieke boek verdwijnt uit de woonkamer, sommige kinderen hebben niet eens een boekenkast in huis. Ik ben een soort zendeling die lezen wil promoten.’

‘Sommige kinderen hebben niet eens een boekenkast in huis’

Ervaringen uitwisselen

Begin september organiseerde De Schrijverscentrale een Literatour Startbijeenkomst voor de auteurs en docenten om kennis en ervaringen uit te wisselen, zodat de auteurs goed voorbereid op pad gaan. Özcan gaf een presentatie met goede tips voor allebei.

Jezelf zijn

Özcan: ‘Het belangrijkste als auteur is dat jezelf blijft, maar dat je je ook aanpast aan de klas die je voor je hebt. Ik ben zelf een soort kameleon, ik pas zelfs mijn taalgebruik aan. Dus proef de sfeer, iedere klas is anders. Niet alle klassen zijn bijvoorbeeld even goed voorbereid, zeker omdat de tijd zo vlak na de zomervakantie erg krap is. Hoewel het ook wel eens goed is voor onze bescheidenheid als auteur om in zo’n klas terecht te komen.’

‘Bereid je klas voor. Anders lijkt het net een sollicitatiegesprek’

Voorbereiding

Zijn verzoek aan docenten is dan ook: bereid je klas voor. ‘Het is fijn als ze in elk geval weten wie je bent en wat je komt doen. Lees van tevoren een fragment of een interview. Het is anders heel erg moeilijk om vanuit het niets voor zo’n klas te beginnen. Dan is het net een sollicitatiegesprek of een elevator pitch: Nou, ik ben dus Eus en ik ben schrijver…’

Tip voor leerlingen

Özcan heeft ook nog tip voor leerlingen zelf: ‘Hoe kies je een leuk boek? Google dan eerst de schrijver van een boek, of lees een interview. Kies een schrijver of een boek dat raakvlakken heeft met je eigen leven.’

Op de bijeenkomst kwamen nog veel meer tips voorbij. Hieronder de belangrijkste.

Tips voor docenten

  • Zoals Özcan hierboven al zei: bereid je leerlingen voor. Ze hoeven niet per se het hele boek gelezen te hebben, maar een fragment is wel het minste. Het is belangrijk dat de leerlingen weten wie je bent en wat je komt doen. Laat ze van tevoren van alles over de auteur opzoeken (interview, website van de auteur) of een interview lezen.
  • Laat je leerlingen van tevoren alvast enkele (bijvoorbeeld 5) vragen bedenken die ze willen stellen.
  • Let op de opstelling in de klas: de auteur hoeft niet voor de klas te staan, een kring of andere opstelling is ook mogelijk.
  • Bespreek van tevoren met de auteur wat hij/zij gaat doen tijdens het bezoek en wat de klas aan voorbereiding heeft gedaan. Maak afspraken over de sociale mores in de klas (wel/geen telefoon in de klas, eten etc.).
  • Laat de leerlingen ook na het bezoek een opdracht doen. Bijvoorbeeld een recensie schrijven over het bezoek, het boek of een brief aan de auteur.

Tips voor auteurs

  • Maak je bezoek interactief. Laat enkele kinderen ter plekke dingen opzoeken op Twitter of Google. Stel ook vragen aan de leerlingen (Özcan: ‘Ik stel vaak de vraag wie er een hekel heeft aan lezen. Haak dan in met mijn eigen desinteresse op die leeftijd. Dat geeft me de kans om daarna uit te kunnen leggen waarom het, naast alle andere hobby’s, toch belangrijk is om daarnaast ook te lezen.’).
  • Gebruik beeldmateriaal als het kan. Anne-Gine Goemans liet haar 13-jarige zoon een video over haar en haar boeken maken om het bezoek laagdrempelig te houden. De meeste klassen vonden het hilarisch, het brak meteen het ijs. Wat overigens niet betekent dat elke auteur nu meteen een video moet maken. 
  • Wees jezelf. Laat zien dat je een gewoon mens bent, en dat er gelachen mag worden. Maak het persoonlijk. Als je vroeger net zo was als zij, doe daar dan iets mee. Creëer raakvlakken.
  • Hoe ga je om met lastige leerlingen? Anne-Gine: ‘Houd humor. Als er een vervelend is zeg ik: als je nu niet ophoudt moet je een stukje voorlezen.’
  • Overleg van tevoren met de docent/contactpersoon over wat jouw aanpak is en wat zij aan voorbereiding hebben gedaan per klas. Maak afspraken over de sociale mores (wel/geen telefoon in de klas, eten etc.).
Een schrijver uitnodigen in de klas kan trouwens het hele jaar door. De Schrijverscentrale organiseert zo’n 800 schoolbezoeken per jaar. Meer weten? Kijk dan hier of neem contact met ons op.

Lees hier meer over Literatour.